 |
De
boeken
| Deze
boeken kunt u bestellen via www.uitgeverijdonker.nl |
|
|
|
De correspondentie van Desiderius Erasmus | deel I tot en met V in cassette
Voor wie nog niet eerder een deel van de correspondentie heeft aangeschaft is dit een mooie gelegenheid om voor een gereduceerde prijs in het bezit te komen van de eerste vijf delen.
De brieven van Erasmus vertonen een verrassende veelzijdigheid, ze zijn niet alleen boeiend voor wie zich interesseert voor de Renaissance en het Humanisme, ook degenen die zich interesseren voor politieke ontwikkelingen in heel Europa komen ruimschoots aan hun trekken. Of de brieven van Erasmus nu venijnig of sarcastisch, vrolijk, uitgelaten of droevig en sentimenteel, ironisch, somber of zeurderig zijn, ze zijn altijd puntig en een genot om een te lezen.
Alle delen zijn genaaid gebonden in linnen band met stofomslag en leeslint en voorzien van een inleiding, notenapperaat, personenregister en lijst van correspondenten.
'Het is een geluk dat de brieven van Nederlands beroemste humanist eindelijk integraal worden uitgegeven. Ze behoren tot het waardevolste dat de Nederlandse beschavingsgeschiedenis heeft voortgebracht.' (Heleen Pott, NRC Handelsblad)
vijf delen in cassette / € 150,00
|
|
 |
|
|
|
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus I
De brieven 1 – 141
In dit eerste deel van de correspondentie
is Erasmus al helemaal een
man met een passie en een missie.
Hij wil de wereld zuiveren
van het barbarendom der Middeleeuwen,
de klassieke oudheid in oude
luister herstellen, het geloof
ontdoen van alle franje en
bijkomstigheden. Hij wil tijd
en vrijheid om te studeren,
heeft daarvoor beschermheren
nodig, maar is niet van plan
ook maar iets van zijn onafhankelijkheid
prijs te geven. Als scherpzinnig
debater weet hij te vleien
waar dat gepast is, maar ontziet
hij vriend noch vijand wanneer
ze hem in zijn diepste overtuigingen
kwetsen. Zijn eretitel: een
onafhankelijk denker.
1e druk / 326
blz. / 16 x 24 cm / € 39,90 |
|
 |
|
|
|
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus II
De brieven 142 – 297
Erasmus verwerft in deze tijd
een dominante positie als vorst
van de letteren en van het
christelijk humanisme. Hij
maakt zich het Grieks eigen,
schetst de basisgedachten van
zijn christendom in het Handboek
van de christensoldaat, vestigt
zijn naam als geleerde met
de prachtige uitgave van deAdagia,
schrijft zijn Lof der zotheid,
geeft de correspondentie van
Hieronymus uit en legt de grondslag
voor zijn uitgave van het Nieuwe
Testament. Veel vertrouwelijke
brieven aan zijn vrienden,
veel voorwoorden voor zijn
beschermheren. Uit deze brieven
komt Erasmus naar voren als
een zelfbewust man met een
scherpe tong wanneer hij kritiek
levert, maar ook als een warmvoelende
vriend die nieuwsgierig is
naar alles wat er in Engeland
en op het vasteland gebeurt.
1e druk / 288
blz. / 16 x 24 cm / € 39,90 |
|
 |
|
|
|
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus III
De brieven 298 – 445
Deel 3 vangt aan in 1514. Erasmus,
aangetrokken door de faam van
uitgever Amerbach, gaat op
weg naar Basel. Tot zijn grote
verrassing wordt deze reis
in de Duitse gebieden een ware
triomftocht. Overal wordt hij
ingehaald als de ware vorst
der letteren en hij maakt -
en wij met hem - een schare
nieuwe vrienden: Froben, de
opvolger van Amerbach, de drie
zonen van Amerbach, Beatus
Rhenanus, Jacob Wimpfeling,
Zasius en talloze andere. Met
al die mensen gaat hij een
correspondentie aan die ons
een diepgaand inzicht geeft
in de wereld van het Duitse
humanisme. Hij ontplooit vele
activiteiten: een vertaling
van het Nieuwe Testament in
het Grieks en Latijn, een nieuwe,
compleet herziene uitgave van
de brieven van Hieronymus,
vertalingen van Seneca en Cato.
Hij probeert van de paus de
nodige dispensaties te verkrijgen,
ruziet met Maarten van Dorp
over de Lof der zotheiden het
nut van zijn arbeid aan het
Nieuwe Testament en Hieronymus
en begint een briefwisseling
met de grootste Franse humanist
Guillaume Budé. Kortom,
ook dit deel van de correspondentie
bruist van leven en activiteit.
1e druk / 308
blz. / 16 x 24 cm / € 39,90 |
|
 |
|
|
|
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus IV
De brieven 446 – 593
Deel 4 opent met een brief
van Erasmus aan paus Leo x,
gevolgd door een soort autobiografische
schets aan de pauselijk secretaris.
Met beide brieven beoogt Erasmus
de fel begeerde dispensaties
te krijgen. Deze worden hem
uiteindelijk verleend. Hij
wordt vrijgesproken van afvalligheid
en excommunicatie, bevrijd
van zijn kloostergeloften en
gerechtigd om meer dan een
prebende te aanvaarden en die
om te zetten in een jaargeld.
Hij is dan ook niet erg bereid
om naar Frankrijk te vertrekken,
waar Budé hem in naam
van de koning heen tracht te
lokken. Budé is een
groot geleerde, maar hij heeft
een ondoorgrondelijke, ingewikkelde
stijl. Hij verwijt Erasmus
te veel over futiliteiten te
schrijven. Erasmus dient hem
meesterlijk van repliek, want
hij heeft er als raspedagoog
een grote hekel aan de dingen
nodeloos ingewikkeld te maken.
En zo spreekt overal en steeds
weer het gezonde verstand.
1e druk / 352
blz. / 16 x 24 cm / € 39,90 |
|
 |
|
|
|
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus V
De brieven 594 – 841
De correspondentie
van deel 5 omvat de periode
1517 tot 1518. In juli 1517
keerde Erasmus terug naar Leuven,
waar hij introk bij zijn oude
vriend Jean Desmarais. Een
paar maanden later verhuisde
hij naar het College van de
Lelie. Daar hoopte hij in zijn
fraaie kamer, temidden van
katheders waarop hij zijn folianten
kon uitstallen, rustig te kunnen
werken. Hij voelde zich er
thuis, had er vele vrienden
en was als vooraanstaand lid
opgenomen in de theologische
faculteit.
Toch ontbreekt de harde realiteit
niet. Erasmus had in Leuven
immers ook de nodige vijanden
en - misschien erger - halfslachtige
vrienden zoals Jean Briart
d’Ath en Maarten van
Dorp. Ook Edward Lee bezorgde
Erasmus moeilijkheden. Erasmus
had deze Engelsman in 1516
korte tijd ingewijd in het
Grieks, maar moest al gauw
constateren dat hij een adder
aan de borst had gekoesterd.
Lee ontpopte zich als een bijzonder
ambitieus en kwaadaardig man.
Hij begon van alle kanten kritiek
te verzamelen op de geschriften
van Erasmus en die heimelijk
te publiceren. Als klap op
de vuurpijl verscheen ook Luther
op het toneel. Kortom, de rust
die Erasmus gezocht had in
Leuven, was ook maar betrekkelijk.
1e druk / 352 blz. / 16 x 24 cm / € 39,50
|
|
 |
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus VI
De brieven 842-992
Erasmus reisde in de zomer van 1518 van Leuven naar Bazel om een tweede druk van zijn uitgave van het Nieuwe Testament te verzorgen. Amper hersteld van een hardnekkige ziekte en nog vermoeid van het harde werken stapte hij in september op de boot om over de Rijn naar het noorden te reizen. Een brief aan Beatus Rhenanus geeft een gedetailleerd verslag wat zich onderweg voordeed, bijvoorbeeld toen het schip aanlegde in Boppard, bij Koblenz. De tolbeambte daar blijkt een liefhebber van Erasmus' boeken te zijn.
Dat niet iedereen hem welgezind is, wordt in dit deel steeds duidelijker. Een van zijn tegenstanders is de Engelsman Edward Lee. De grote Franse geleerde Guillaume Budé, ook in dit deel weer ongemeen scherp, is blij dat zich met Lee iemand anders aandient op wie Erasmus zijn humeurigheid kan botvieren. Budé weigert zich bij de bewonderaars te voegen, terwijl anderen er een lange reis voor over hebben om een keer de grote Erasmus te ontmoeten – iets waar de laatste overigens minder gelukkig mee is: laten ze toch zijn boeken lezen, dan leren ze hem beter kennen. Bovendien storen ze hem bij zijn werk.
Aan het eind van de periode die dit deel beslaat, op 27 juni 1519, begint de disputatie te Leipzig tussen Johannes Eck en Andreas Karlstadt en vervolgens ook Luther. Luther zelf richt zich op 28 maart 1519 voor het eerst tot Erasmus. Met zijn uitlatingen over de aflaathandel en de onverbloemde, opzettelijk deels in het Grieks geformuleerde kritiek op de alleenheerschappij van de paus lijkt Erasmus zich aan Luthers zijde te scharen, maar enkele maanden later benadrukt hij hem niet persoonlijk te kennen en zijn werk nog nauwelijks gelezen te hebben. De verdere ontwikkelingen zullen te volgen zijn in deel 7..
1e druk / 16 x 24 cm / € 39,50
|
|
 |
De
correspondentie van Desiderius
Erasmus VII
De brieven 993-1121
In het najaar van 1519 werd duidelijk dat het optreden van Luther kon leiden tot een door Erasmus gevreesde kerkscheuring. In zijn brieven uit deze periode maakt Erasmus zijn positie tegenover Luther steeds vaker kenbaar. Hij brengt een scheiding aan tussen zijn eigen streven naar herstel van de geleerde beschaving – met inbegrip van de theologie – en de aanpassingen van de kerkelijke leer die Luther wilde. Voorts roept hij zowel Luther als de kerkelijke autoriteiten op met nuchterheid te werk te gaan. Van Luther betreurt hij de scherpe toon, maar hij verdedigt hem als een goed mens met oprechte intenties. Van de inhoud van Luthers leer houdt hij afstand, tegelijk benadrukkend dat er in de kerk ruimte dient te bestaan voor hervormingen. Bovenal eist Erasmus, zowel voor Luther als voor zichzelf, het recht op kerkelijke leerstellingen en praktijken ter discussie te stellen, en verzet hij zich met hand en tand tegen degenen die in elke discussie ketterij zien.
De spanningen rondom Luther zorgden voor een verslechtering in de relatie tussen Erasmus en de theologen uit zijn woonplaats Leuven. In 1520 ontstond een heuse controverse nadat Edward Lee, een Engelsman die in Leuven theologie studeerde, zijn kritiek op Erasmus' uitgave van het Nieuwe Testament had gepubliceerd. Erasmus had zijn verdediging snel klaar en regisseerde een reeks aanvallen op Lee van bevriende Duitse humanisten. In de vele brieven waarin Erasmus lucht geeft aan zijn ergernis over Lee, toont hij zich soms van zijn kleinmoedige kant en is hij nogal snel geneigd in de affaire – evenals in de ophef rondom Luther – een samenzwering te zien tegen het herstel van de geletterde beschaving dat door zijn toedoen was bereikt.
1e druk / 16 x 24 cm / € 39,50
|
|
 |
| |
|
|
|
 |